Nieuws

Persberichten

Twee eeuwen boerenverzekering

Nieuwe oogst editie noord

Twee eeuwen boerenverzekering

15.01.2011

Verzekeringsconcern Achmea bestaat dit jaar op de kop af 200 jaar. Het hele jaar is hiervoor aandacht. In mei is de Conventie van Achlum, want het begon in 1811 allemaal in het Friese dorp Achlum.

Boekhouder Ulbe Piers Draisma nam met 39 boeren en notabelen in het gebied rondom Franeker het initiatief voor een onderlinge brandassurantie. Zij stonden met hun vermogen van 200.000 gulden garant. "Boeren hadden toen nog meer als nu veelal een karig bestaan en als de boel afbrandde was dat echt een ramp. De schade konden ze niet zelfstandig ophoesten", vertelt Bernard Koeckhoven, de huidige directeur Agro van Achmea. "De Sociëteit van Achlum keerde overigens in het begin slechts 75 procent van de schade uit, die was ontstaan door 'onweder, hooibroeien of eigen vuur'. Een soort eigen risico om misbruik tegen te gaan." De verzekeraar vond het niet nodig om reserves op te bouwen, daarom werd ieder schadegeval rechtstreeks omgeslagen op de verzekerden. Na Achlum van 1811 volgden al snel andere onderlingen, zoals Kanton Hallum in 1814 en OBAS (Onderlinge Brand Assurantie Sociëteit) in Wirdum in 1815. Friesland telde rond 1900 zo'n twintig onderlinge verzekeraars. Tegen die tijd konden de boeren naast de enkelvoudige brandschade, voor het eerst ook voor storm- en bedrijfsschade polissen afsluiten. Niet overal waren verzekeringen direct een succes. Zo sloeg in 1902 in Noord-Brabant een nieuwe hagelverzekering niet echt aan, want bij de boeren lagen de landerijen erg verspreid. Daarbij gaven ze aan, dat een hagelbui nooit alle percelen tegelijk trof. In het westen van Nederland had men echter meer succes. De ANOH richtte zich op hagelschade in te velde staande gewassen en de EO richtte zich op de glastuinbouw en bloembollen. Beide onderlingen fuseerden in 1972 tot de Hagelunie, waarbij 80 procent van de tuinbouwbedrijven was aangesloten.

Sociale wetgeving

"Agrarische bedrijven zijn in twee eeuwen tijd flink veranderd, daarbij horen andere risico's en verzekeringen", geeft Koeckhoven aan. "Ook ontwikkelde de wetgeving in ons land. Zo kwam honderd jaar geleden de sociale wetgeving op gang, met een ziekteregeling voor werknemers en later de pensioenvoorziening. Met nieuw opgerichte onderlinge verzekeringen namen de verzekeraars deze nieuwe risico's de boeren en tuinders uit handen." Tot zo'n twintig jaar geleden waren de verzekeraars heel sterk gericht op de afzonderlijke producten, zoals de auto, de aansprakelijkheid, of brand, weet Koeckhoven. "Nu hebben we dat omgevormd naar de klantbehoefte in groepen van particulier of zakelijk, agrarisch of MKB", vertelt de verzekeraar. "Ook zien we de omvang van de bedrijven enorm toenemen. En een onderwerp als aansprakelijkheid, vooral in de voedselketen, krijgt tegenwoordig een heel andere lading. Daar moeten we als verzekeraar op inspringen."

Fusiegolf

"Overal in Nederland vormden de regionale landbouworganisaties naast elkaar onderlinge verzekeringen. Pas eind jaren zestig ontstond er een fusiegolf onder deze verzekeraars", zegt Koeckhoven. In Friesland gingen enkele plaatselijke onderlingen in 1971 verder onder de paraplu van OTOS. Met een tussenstap in Leeuwarden werd in 1986 Avéro gevormd, waarna in 1995, samen met Centraal Beheer en Zilveren Kruis, in Zeist Achmea ontstond. In Tilburg ontstond in 1969 Interpolis uit de verzekeringen van de katholieke boerenbonden. Toen drie jaar later ook Hagelunie zich hierbij aansloot, ontwikkelde Interpolis zich als de grootste agrarische verzekeraar. In 2005 sloot Interpolis zich bij Achmea aan, waarmee landelijk de grootste verzekeraar ontstond. "Binnen Achmea zijn veel van die regionale onderlingen verenigd. Ze hadden van oorspronkelijke een katholieke, christelijke of algemene signatuur. Het agrarische fundament van Achmea is daardoor heel sterk en dat werkt vandaag de dag nog door in de positie van de agrarische verzekeringen." "We realiseren nu ruim 55 procent van het agrarische marktaandeel in Nederland, met een premieomzet van 275 miljoen euro. Het concept van de onderlinge, waarmee indertijd in Achlum is gestart, is nog steeds springlevend. Koeckhoven: "We zijn als Achmea in de afgelopen jaren volop betrokken geweest bij de oprichting van onderlingen voor enkele specifieke doelgroepen, zoals Potatopol voor de aardappelteelt, Avipol voor de pluimveesector en Porcopol voor de varkenshouderij. En ook denken we mee over de start van de Onderlinge Weerschade Verzekering."

Contact

Hebt u vragen over de Conventie van Achlum?
Mail uw vraag naar Achmea200jaar@achmea.nl

U ontvangt zo spoedig mogelijk een antwoord.

Inloggen

Wachtwoord vergeten?